De mensen

Verner von Heidenstam's gedicht Folket
Verner von Heidenstam (1859-1940); schilderij van Johan Krouthén in paleis Charlottenborg.

Uit de gedichtenreeks "Ett folk", voor het eerst gepubliceerd in Svenska Dagbladet op 22 september 1899; later opgenomen in de bundel Nya dikter uit 1915.

De profeet Nahum spreekt aldus
naar Nineve, naar de koning van Assyrië:
"Ze slapen jullie gouverneurs
en jullie leiders, jullie eerst,
apart leven en stil liggen;
op de bergen verstrooid is uw volk,
dat geen stem meer verzamelt."
Een volk! Ik huiver bij dat woord,
zo vol van liedjes en van de kvidan,
door het geschreeuw van de goden en door de donder.
Ik huiver bij dat woord
als voor een torenhoog reusachtig wezen,
Wiens voet mijn ribben vertrapte
net zo makkelijk als ik een zandkluit ben.
Eén volk, één volk! Tegen de hemel staan vlammen.
In de sombere holle weg slam wagens,
en wilde mannen met roofdiervallen
en naakte kinderen en verscheurde vrouwen,
ze gaan door, vreedzaam vooruit,
en vergeten de weg die ze zijn gegaan,
en niet weten waar ze vandaan komen.
Als kinderen vragen, geeft niemand antwoord.
Dan staat op uit de kring van de ouderen,
met een ijsgrijze baard en een harige mantel,
trolachtig, eenogig, met een raaf op zijn schouder
en het zwaard getrokken, de onderman.
Hij zwaait de barden uit - en droevig
ze zingen over vergeten huizen,
als middernacht over de tenten tuurt.
Hij spreekt - en rond de offersteen,
die bebloed staat bij de eik,
stelt hij nieuwe goden
en blijft zichzelf als een god onder hen.
Dan groeit het blad Birka,
waar roeiboten met gezang aan de roeispaan
gelukkig het riet snijden, en in de samenstelling
staat vijftien jaar oude gevreesde huurling
met beroofde bruid en begroet thuis.
Binnenkort de taal als een kamerpak
is zacht geweven en volgt de ademhaling van de borstkas.
Het belt weekend, en eeuwen jacht
als schaduwen over het land.
Het wordt zo stil, zo triest,
zoals wanneer op een heldere St. John's nacht
verlichtte de hemel in zeestraten en baaien;
maar diep verborgen in de schuilplaats van het hart
leeft angst, als zorgen zwijgen.
Mijn volk, uw hand is koud, maar de gulzigheid,
dat je bevriest, is het uur van de dageraad.
Zij slapen uw gouverneurs
en jullie leiders, mijn volk,
apart leven en stil liggen.

Abonneer je op YouTube:


Als je het waardeert Allmogens Onafhankelijk werken om onze mooie Zweedse geschiedenis en Noordse cultuur uit te beelden, u bent van harte welkom om iets leuks te kopen in de winkel of ons te steunen met een vrijwillige donatie. Dank u bij voorbaat!

Steun Allmogens via Swish: 123 258 97 29
Steun Allmogens door sluit u aan bij
Steun Allmogens in uw testament

Populaire poëzie

Zullen we zondag gehoord worden?

Ontvang elke zondagmorgen de nieuwsbrief met de artikelen van de week over de Zweedse geschiedenis en de Noordse cultuur. Gratis!

Perfect! Check je inbox en bevestig je registratie en je bent helemaal klaar!